Terug naar Doel

Herinnering

Ik loop met mijn moeder, die op dat moment al een lichte vorm van dementie heeft, door de ziekenhuisgangen op zoek naar de dokter. Ze loopt met een rollator en heeft geen idee waar ze is. Het begon al bij binnenkomst bij de eeuwigdurende draaideur die voor mijn moeder geen begin en geen einde heeft. Ze blijft rondlopen tot ik haar bij de arm neem. Ik vraag waar ik moet zijn en een keurige dame wijst ons de weg. We melden ons netjes op de goede afdeling en wachten in de ongezellige wachtruimte van een ziekenhuis.

Mijn moeder kijkt naar een mooie poster en bestudeert wat daar op staat, ogenschijnlijk zeer geinteresseerd. Ze is gespannen omdat ze deze dokter niet kent. Ze heeft voor het eerst een afspraak bij hem omdat ze zo vreselijk moe is. We wachten niet lang, gelukkig. Een vrij jonge arts roept haar naam. Mijn moeder hoort het niet en ik vertel haar dat we aan de beurt zijn. Ze schrikt, pakt de rollator en loopt totaal de verkeerde kant op. De dokter, die zich allang heeft om gedraaid, heeft het niet in de gaten. Hij zit al achter zijn bureau en ziet voor het eerst het dossier van mijn moeder. Het is een heel dik dossier, ze is 78 jaar en heeft het nodige meegemaakt.

Wanneer ik met mijn moeder binnen kom, stelt hij zich voor en we mogen gaan zitten. Het is een tijdje stil. De dokter leest, en leest, en leest. Mijn moeder wacht, als een geduldig kind tot hij haar de eerste vraag stelt. Slikt u nog..? Er komt een moeilijke naam van een bepaald medicijn. Mijn moeder kijkt mij vragend aan. Ik kijk naar de arts en zeg, hoe kan ze dat nou weten, ze is dement maar hij is al weer aan het schrijven en lezen en kijkt voortdurend op het computerscherm.

Hij is niet onaardig. Af en toe kijkt hij mijn   »





moeder aan zonder iets te zeggen of te vragen. Mijn moeder raakt hier van in de war. Hij ziet haar niet echt omdat hij erg druk is met het hele pakket informatie. Dan de volgende vraag, waarom bent u hier? Waarop ik uitleg dat ze moe is en nog maar 1 nier heeft. Hij kijkt haar niet aan en gaat door met zijn aantekeningen. Dan gaan we naar een onderzoekskamer. Ik ga mee om haar te helpen met het uitkleden, dat gaat niet makkelijk kan ik je zeggen. Deels omdat ze beginnend dement is, deels omdat ze onzeker is en uit haar 'goede doen' zoals ze dat zelf zo mooi omschrijft.

De dokter wacht en is ongeduldig waardoor mijn moeder nog onrustiger wordt. Daar ligt ze dan, een oude vrouw die als mens genegeerd wordt door deze dokter die alleen maar oog heeft voor de papierwinkel die hij dossier noemt. Hij onderzoekt haar keurig, echt, helemaal niets op aan te merken, betrekt mij zelfs bij het onderzoek maar hij ziet mijn moeder niet. Ik mag haar weer aankleden. De dokter stelt vast dat ze een rare plek op de borst en het sleutelbeen heeft. Mijn moeder schrikt en zegt, ik heb geen pijn hoor dokter, ik ben alleen maar moe. Hij geeft geen antwoord, negeert mijn moeder en loopt alweer terug naar zijn kamer.

Er moeten foto's gemaakt worden. Terug in zijn kamer is hij druk aan het schrijven wat zijn bevindingen zijn. Een nieuwe afspraak wordt gemaakt en klaar is hij. Dank u wel hoor dokter, zegt mijn moeder. Ik denk, waarom bedankt mijn licht dementerende moeder deze arts. Hij heeft haar niet daadwerkelijk aan gekeken, niet de moeite genomen zich in te leven, niet daadwerkelijk naar haar geluisterd en niet aangevoeld dat 1 vriendelijk woord al voldoende zou zijn geweest om haar gerust te stellen. Het is me altijd bij gebleven.
  


Terug naar Doel